Natuurlijk, op speurtocht naar smaak, nieuwe recepten, nieuwe restaurants of ingrediënten zijn tijdschriften een bron van inspiratie. Hoewel menigeen zal vertellen dat de tijdschriften hun beste tijd gehad hebben denk ik daar anders over. Niche en kwalitatieve inhoud zullen voor vele levensgenieters altijd als een magneet blijven werken. Zeker ook bij tijdschriften. Op bijgaand plaatje heb ik een aantal gerangschikt en het is een willekeurige greep uit het aanbod.
Eentje ontbreekt die enkele jaren geleden er als vanzelfsprekend tussen had gelegen en dat is de Allerhande. Jawel, het maandelijkse blad van lands grootste kruidenier Albert Heijn. Destijds was het een tijdschrift waaruit je – zeker voor weekenden – bijzondere recepten kon halen die vrijwel altijd ook uitstekend waren. De kracht van de formule was dat de ingrediënten ook daadwerkelijk in de supermarkten verkocht werden. Prachtig bedacht omdat de speurtocht naar de juist ingrediënten nu eenmaal een tijdrovende bezigheid is. Jammer genoeg is de Allerhande afgegleden naar een tijdschrift waar voornamelijk doorsnee gerechten instaan waarbij snel, gemakkelijk en goedkoop de boventoon voeren. Jammer, want als marketing formule was het voor ons eetliefhebbers geweldig.
Welke tijdschriften wij dan wel gebruiken? Op bijgaande foto staan een paar voorbeelden. “Foodies”(het fijne van eten), “La Cucina Italiana” (sinds 1929).”Wining en Dining” (tijdschrift voor fijnproefers) en “Delicious” (de naam spreekt voor zich). Allemaal klasse en zeer uiteenlopend. En als je dan toch wat minder ingewikkeld aan de slag wil is er nog altijd “Koken en Genieten” (€ 2,95) wat met kop en schouders boven de Allerhande uitsteekt.

Het is altijd weer een cadeautje: de productcatalogus van Fattoria La Vialla in Italie. La Vialla is een biologische boerderij en wijnproducent in Toscane. Wij kwamen er een aantal jaren geleden mee in aanraking toen wij een kerstpakket kregen dat wél ergens over ging. Geen laffe paté, sloffe toast, zinloze kaarsenstandaards en maffe koekblikken, maar echt heerlijk eten. Een hele Peccorino, biologische pasta, azijn, ricottamousse en de enige echte sugo: sugo Bombolino. En in dat kerstpakket zit een prachtige kaart waarop je kan aangeven of je op de hoogte wilt worden gehouden van de biologische producten van La Vialla. Dat wilden we wel. Een paar weken later en inmiddels al vier jaar lang krijgen we twee keer per jaar een productencatalogus met bestelkaart en een alleraardigst kaartje van de familia Lo Franco. En niet zo’n ikeagids of Wehkamp, nee een cadeautje van een gids. Met productinformatie en recepten, maar vooral verhalen over de boerderij, de familie en de medewerkers; het roept één groot gevoel van hapiness op: het water loopt je zo in de mond. En drukwerk van de prachtigste kwaliteit; je gooit het niet weg; da’s zonde. Slimme, lieve marketing. En het werkt, want met enige regelmaat vinden we toch dat we, als tegenprestatie voor de prachtige mailing, maar weer eens iets moeten bestellen. En ook dat gaat lief; via de post op de mooie bijgesloten bestelbrief met retourenvelop. En geen paypal, ideal of vooruitbetalen. Nee, gewoon een factuur bij de levering. Heb geen haast, want het kan een week of twee duren voordat het er is, maar dat komt omdat ze alleen verzamelverzendingen doen om het milieu te sparen; ook lief. Maar vooral allemaal heel erg lekker. 
Als je een recept zoekt ga je toch vaak af op een plaatje in een kookboek. Loopt het water je in de mond? Proberen maar. Maar er zijn van die kookboeken zonder plaatjes en ze zijn ook nog eens heel erg dik. Neem een Zilveren lepel; de kookbijbel van de Italiaanse keuken. Die is er van dezelfde uitgever Van Dishoeck ook in de Spaanse variant (waar overigens wel kleine bijlages met plaatjes in staan). Of de Grote Larousse Gastronomique. Hoe vind je nu dat ene recept waar je zin in hebt? Want je gaat er niet zomaar even lekker in bladeren (2.000 recepten).